Het komt voor dat migrainelijders tijdens een aanval nog perfect uit hun woorden denken te komen, terwijl de klanken die ze voortbrengen voor niemand meer zijn te verstaan. Al snel leren ze in stilte te wachten tot de hoofdpijn geweken is.
In Die Verwandlung van Franz Kafka heeft Gregor Samsa eerst niet door dat zijn stem niets menselijks meer heeft nadat hij op een ochtend ontwaakte uit onrustige dromen en ontdekte dat hij was veranderd in een monsterachtig ongedierte. Maar de collega die niet veel later komt kijken waar Samsa blijft, verstaat geen woord van zijn uitleg.
Als Samsa even later moet hoesten, probeert hij dat gedempt te doen, bang als hij is dat ook dit geluid weinig menselijks meer heeft, al kan hij dat zelf niet horen. "Man verstand zwar also seine Worte nicht mehr, trotzdem sie ihm genug klar, klarer als fruher, vorgekommen waren, vielleicht infolge der Gewohnung des Ohres."
zondag 11 september 2011
vrijdag 2 september 2011
Bloedserieus
Ik heb Hitler geen een keer zien lachen in Triumph des Willens en ook bij andere gelegenheden trouwens niet. Nog geen glimlachje als hij een kind aanhaalde, of zijn hond. Bij Goering, Goebels, Hess en al die andere nazi's kon er ook geen lachje af.
Maar dan: Mao, Stalin, Pol Pot, heb ik ze ooit schuddebuikend over de grond zien rollen?
Totalitariteit is een bloedserieuze zaak.
Het beeld van een lachende engel is de trekpleister in de Dom van Regensburg. Heeft er iemand wel eens een heilige zien lachen, of een priester? De paus?
Goddelijke almacht, daar valt niet mee te spotten.
Maar dan: Mao, Stalin, Pol Pot, heb ik ze ooit schuddebuikend over de grond zien rollen?
Totalitariteit is een bloedserieuze zaak.
Het beeld van een lachende engel is de trekpleister in de Dom van Regensburg. Heeft er iemand wel eens een heilige zien lachen, of een priester? De paus?
Goddelijke almacht, daar valt niet mee te spotten.
donderdag 1 september 2011
Gruwelijk toeval
Erwin Mortier schrijft in Gestameld liedboek over zijn moeder die lijdt aan de ziekte van Alzheimer.
"Het begint met het woord boek, het woord dat haar maar niet te binnen wil schieten wanneer ze op een middag voor mijn bibliotheek staat en vraagt wanneer ik nog 's, je weet wel, zo'n ding, of ik binnenkort weer 's - en ze brengt haar handen met de vingers gestrekt naast elkaar en klapt ze open en dicht."
"Ze kan niet op het woord komen waar uw leven in zekere zin om draait", wil de interviewer van Vrij Nederland weten. Het antwoord van Mortier: "Ja, dat is een gruwelijk toeval."
"Het begint met het woord boek, het woord dat haar maar niet te binnen wil schieten wanneer ze op een middag voor mijn bibliotheek staat en vraagt wanneer ik nog 's, je weet wel, zo'n ding, of ik binnenkort weer 's - en ze brengt haar handen met de vingers gestrekt naast elkaar en klapt ze open en dicht."
"Ze kan niet op het woord komen waar uw leven in zekere zin om draait", wil de interviewer van Vrij Nederland weten. Het antwoord van Mortier: "Ja, dat is een gruwelijk toeval."
donderdag 18 augustus 2011
Ludwig
Deze vakantie stond ik in de kamer van Slot Nymphenburg bij München. Daar kwam de toekomstige Beierse koning Ludwig ter wereld. Op 25 augustus 1845, toevallig de 59e verjaardag van zijn opa Ludwig I en ook nog de sterfdag en naamdag van Louis IX, de Franse koning uit de dertiende eeuw die heilig werd.
Prachtig verjaarscadeau voor de oude, al zijn de geruchten dat het kleinkind al een paar dagen eerder geboren werd altijd hardnekkig gebleven.
Prachtig verjaarscadeau voor de oude, al zijn de geruchten dat het kleinkind al een paar dagen eerder geboren werd altijd hardnekkig gebleven.
donderdag 14 juli 2011
Leenkind
Op de televisie wilde een moeder op Schiphol niet klagen over de zoon die met zijn hele gezin naar een ver buitenland verhuisde. Ze had haar kinderen slechts te leen.
In Tonio, de requiemroman van A.F.Th. van der Heijden over zijn verongelukte zoon, citeert hij het gedicht On my first son (1603) van Ben Jonson. 'Seven years thou wert lent to me', dichtte Jonson bij de dood van zijn eigen zoon.
In Tonio, de requiemroman van A.F.Th. van der Heijden over zijn verongelukte zoon, citeert hij het gedicht On my first son (1603) van Ben Jonson. 'Seven years thou wert lent to me', dichtte Jonson bij de dood van zijn eigen zoon.
vrijdag 8 juli 2011
Tim en Adri en Kathy en Tonio
Soms lopen twee boeken dwars door elkaar heen. De verleiding om aan de requiemroman Tonio van A.F.Th. van der Heijden te beginnen was sterker dan de neiging eerst Kathy's dochter van Tim Krabbe uit te lezen.
Toch had ik deze weemakende verliefdheidsdroman eerder uit dan de meeslepende rouwroman van Van der Heijden.
Maar dat wilde niet zeggen dat ik helemaal van Krabbe af was. Met zijn vrouw en de kleine Tonio komt Van der Heijden op een camping in Frankrijk een landgenoot tegen die een partijtje met hem wil schaken omdat hij de schrijver aanziet voor een Nederlandse collega die van wielrennen houdt, maar ook van schaken.
Juist.
Toch had ik deze weemakende verliefdheidsdroman eerder uit dan de meeslepende rouwroman van Van der Heijden.
Maar dat wilde niet zeggen dat ik helemaal van Krabbe af was. Met zijn vrouw en de kleine Tonio komt Van der Heijden op een camping in Frankrijk een landgenoot tegen die een partijtje met hem wil schaken omdat hij de schrijver aanziet voor een Nederlandse collega die van wielrennen houdt, maar ook van schaken.
Juist.
zaterdag 18 juni 2011
Marsmannetjes
Hendrik Jan Marsman (1937) noemde zichzelf J. Bernlef toen hij aan het dichten sloeg. Tenslotte was het nog maar twintig jaar geleden dat Hendrik Marsman (1899-1940) met zijn schip verging in het Kanaal. De Friese bard Bernlef leefde twaalf eeuwen eerder.
Van Marsman heeft Bernlef nooit last gehad.
Lieke Marsman (1990) debuteerde zeventig jaar na de dood van Marsman als dichteres, onder eigen naam. Daar kon ze nog wel eens spijt van krijgen. Net als haar naamgenoten won ze de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs
"Ik vind het grappig dat Hendrik Marsman en Bernlef deze prijs ook hebben gewonnen" zei ze in NRC Handelsblad. "Iedereen maakt er altijd grapjes over dat ik ook Marsman heet, terwijl ik geen familie ben. Nu is het wel leuk.”
Maar straks niet meer. Marsman moet maar snel op zoek naar een nieuwe naam.
Van Marsman heeft Bernlef nooit last gehad.
Lieke Marsman (1990) debuteerde zeventig jaar na de dood van Marsman als dichteres, onder eigen naam. Daar kon ze nog wel eens spijt van krijgen. Net als haar naamgenoten won ze de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs
"Ik vind het grappig dat Hendrik Marsman en Bernlef deze prijs ook hebben gewonnen" zei ze in NRC Handelsblad. "Iedereen maakt er altijd grapjes over dat ik ook Marsman heet, terwijl ik geen familie ben. Nu is het wel leuk.”
Maar straks niet meer. Marsman moet maar snel op zoek naar een nieuwe naam.
Abonneren op:
Posts (Atom)